Momenteel beschikt het voortgezet onderwijs over twee soorten digitale leermaterialen. De oudste is afkomstig van commerciële uitgevers en is alleen verkrijgbaar als onderdeel van complete educatieve methodes –opgemerkt moet worden dat diverse commerciële aanbieders inmiddels ook vormen van arrangeerbaar materiaal aanbieden. Uit frustratie over de hoge kosten, soms gebrekkige inhoudelijke kwaliteit en gebrek aan flexibele afname zijn er later particuliere en semi-publieke initiatieven ontstaan met als doel gesloten leermiddelenbibliotheken te ontwikkelen voor het onderwijs.
De ontwikkeling van de inhoud verloopt bij beiden grotendeels hetzelfde; kleine teams van individuen schrijven, maken, redigeren en publiceren. Echter waar de commerciële educatieve uitgevers professionele teams van onderwijskundigen, auteurs, grafische artiesten en redacteuren aan het werk zetten, worden er in het geval van de leermiddelenbibliotheken kleine groepen goedbedoelende docenten aangespoord tot productie [1]. In beide gevallen kan de inhoud en kwaliteit niet direct beïnvloed worden aangezien er geen publieke inmenging mogelijk –of gewenst– is in hun gesloten ontwikkelprocessen.
Waar bij het commerciële aanbod een hele methode aangeschaft moest worden, verloopt de toegang tot het leermateriaal bij de leermiddelenbibliotheken via portalen. Deze zijn gebruiksonvriendelijk en onaantrekkelijk door nadruk op classificatie en indexatie van meta-informatie die verpakt is in de bestandsgebaseerde leermaterialen.
Na de uitspraken van de minister [2] gehoord te hebben, was ik meteen erg enthousiast; Wikiwijs wordt een publieke wiki; voor en door iedereen. De toepassing van laagdrempelige Wikipedia-achtige ontwikkelprocessen en -technieken kan leiden tot meer, beter en betaalbaar leermateriaal, dat bovendien veel makkelijker vindbaar en bruikbaar is dan het huidige aanbod.
Ik was vooral benieuwd naar welke wiki [3] gekozen zou worden en op welke manier de inrichting en organisatie vormgegeven zou worden.
Helaas blijkt Wikiwijs geen wiki te zijn, maar een portaal voor ontsluiting van leermateriaal afkomstig uit de bestandsgebaseerde leermiddelenbibliotheken. Anders gezegd; waar ik verwacht had een platform voor creatie aan te treffen, stuitte ik –net als voorheen bij de commerciële methoden en de semi-publieke leermiddelenbibliotheken– op een platform voor consumptie.
Erger is dat de keuze om het wiki-gehalte van Wikiwijs tot nul terug te brengen bewust en definitief lijkt, zie Bijlage: VO-raad wijst Wikiwijs af.
Voor de duidelijkheid geef ik hier een aantal functionele en conceptuele kenmerken van een wiki weer die de genoemde leermaterialenbibliotheken ontberen:
| [1] | Deze met publieke gelden gefinancierde leermiddelenbibliotheken werken concurrentievervalsend; zie ook: “Wijs met Wikiwijs – Pagina 8” – reactie van de Groep Educatieve Uitgeverijen (GEU) op “Wikiwijs in het onderwijs” – brief van minister Plasterk van 7 april 2009 aan de 2e kamer betreffende stimulering open leermiddelen |
| [2] | “Het einddoel van Wikiwijs is om al het lesmateriaal op deze manier aan te bieden, van basis tot en met hoger onderwijs, gebaseerd op het Wikipedia-principe van “wisdom of crowds”. Een van de redenen dat Wikipedia-encyclopedieën zich kenmerken zich door een hoge kwaliteit, is dat iedereen elkaar voortdurend controleert en zo nodig corrigeert. ...” Bron: Toespraak minister Plasterk: “Boven het maaiveld” (3 december 2008 - Van Nellefabriek, Rotterdam) |
| [3] | Wikipedia: Comparison of wiki software |